Onderzoeks- en adviesbureau Panteia heeft in opdracht van het ministerie van Klimaat en Groene Groei (KGG) onderzoek gedaan naar de administratieve lasten van het Europese Emissiehandelssysteem (EU ETS-1) voor industrie, elektriciteitsproductie, zeevaart en luchtvaart. Ook geeft het rapport aan welke maatregelen mogelijk zijn om de regeldruk verder te verminderen.

Uit het onderzoek blijkt dat de administratieve lasten en uitvoeringskosten van het EU ETS-1 relatief beperkt zijn in verhouding tot de omvang, de opbrengsten en het grote klimaat- en marktbelang van het systeem. Voor 2024 worden de totale regeldrukkosten geraamd op circa 21 miljoen euro voor stationaire installaties (industrie en elektriciteitsproductie), circa 3,5 miljoen euro voor de zeevaart en circa 1,9 miljoen euro voor de luchtvaart. Tegelijkertijd bevestigt het rapport dat het EU ETS een robuust en effectief instrument is om broeikasgasemissies te reduceren, zonder dat in Nederland sprake is van nationale aanvullingen (‘gold plating’).

Beeld: © NEa

Aansluiting bij koers NEa

Naast een kwantitatieve analyse bevat het rapport suggesties van ETS-bedrijven om de regeldruk verder te verminderen, onder meer via betere communicatie, ondersteuning en gebruiksvriendelijke IT-voorzieningen.

David Kramer, teammanager Emissiehandel bij de NEa:
“De uitkomsten en aanbevelingen onderschrijven dat we met verdere digitalisering en vereenvoudiging van werkprocessen op de goede weg zijn. Ons Emissiehandelsportaal stelt bedrijven in staat om relatief eenvoudig aan hun verplichtingen te voldoen en wordt door gebruikers goed gewaardeerd. Tegelijkertijd bevestigt het onderzoek dat het ETS als geheel erg complex is geworden. Daarom blijven we ons richting beleidsmakers inzetten voor vereenvoudiging en nemen we verbeterpunten waarmee wij zelf aan de slag kunnen, graag over.”

Zo versterkt de NEa haar nalevingsondersteuning. Door gestructureerder te communiceren over veranderende regelgeving, waar mogelijk gegevens vooraf in te vullen en aanvullende instructievideo’s te ontwikkelen. Ook verkent de NEa de mogelijkheid van een opleiding gericht op het voldoen aan ETS-verplichtingen, met name voor contactpersonen die nieuw zijn in de materie.

Kritische kanttekeningen bij deel van de suggesties

Tegelijkertijd plaatst de NEa ook kritische kanttekeningen bij een deel van de suggesties uit het rapport. Omdat zij minder goed uitvoerbaar zijn of afbreuk kunnen doen aan de effectiviteit van het emissiehandelssysteem. Zo is het voorgestelde volledig bundelen van verschillende monitorings- en rapportageverplichtingen niet mogelijk, omdat deze gegevens verschillende doelen dienen. Emissiegegevens zijn bijvoorbeeld nodig voor het monitoren van CO₂-uitstoot, terwijl productiegegevens worden gebruikt voor de toewijzing van gratis emissierechten. Waar dat mogelijk is, faciliteert het Emissiehandelsportaal al het hergebruik van gegevens.

Sectorale aandachtspunten

Voor de zeevaart wijst de NEa erop dat 2024 en 2025 de eerste compliance-jaren zijn. Een deel van de regeldrukkosten betreft aanloopkosten die niet jaarlijks zullen terugkeren. De NEa herkent de oproep van de sector om vereenvoudigde en geharmoniseerde regelgeving en betere IT-integratie. De invloed van Nederland hierop is echter beperkt, omdat zowel regelgeving als IT-systemen op Europees niveau zijn ingericht.

Voor de luchtvaart wordt in het rapport gesuggereerd om de goedkeuring van monitoringsplannen te versnellen. De NEa zal deze aanbevelingen welwillend bezien en meenemen in verdere verbeteringen van bestaande processen. Tegelijkertijd wijst de NEa op de eigen verantwoordelijkheid van bedrijven voor het zorgvuldig opstellen van monitoringsplannen en rapportages. Ook nu al investeert de NEa stevig in nalevingsondersteuning voor luchtvaartbedrijven.

Vervolg

De uitkomsten van het Panteia-onderzoek worden door het ministerie en de NEa betrokken bij de voorbereiding van de Nederlandse inzet richting de herziening van de ETS-richtlijn in 2026. Daarnaast wordt uitgekeken naar de resultaten van het EU-brede onderzoek van de Europese Commissie naar administratieve lasten, dat later verschijnt.