Dubbeltellende biobrandstoffen

Sommige biobrandstoffen komen voor dubbeltelling in aanmerking. Dit hangt af van de gebruikte materialen.

Dubbeltellende materialen

De Regeling Hernieuwbare Energie Vervoer bevat in bijlage 2 lijsten met materialen die bepalen of een biobrandstof voor dubbeltelling in aanmerking komt. Deze materialen zijn als volgt ingedeeld in de Regeling:

  • Tabel 1: procesafval of procesresidu, bijvoorbeeld dierlijke vetten categorieën 1 en 2, gebruikte frituurolie, ruwe glycerine, afvalhout;
  • Tabel 2: afval of residu van landbouw, aquacultuur, visserij of bosbouw, bijvoorbeeld stro, doppen, schillen, vliezen, pitten en bosbouwresiduen;
  • Tabel 3: niet-voedsel cellulosemateriaal en ligno-cellulosemateriaal, bijvoorbeeld vers hout en korte omloop hout.

Geen dubbeltelling

Biobrandstoffen die zijn geproduceerd uit materialen die zijn aangemerkt als product of co-product (tabel 4) mogen niet dubbeltellen. Dit geldt in beginsel ook voor de categorie overige materialen (tabel 5). Voor de categorie overige materialen kunnen bedrijven wel een verzoek indienen om een biobrandstof onder specifieke locatie- of bedrijfsomstandigheden voor dubbeltelling in aanmerking te laten komen.

Verzoek tot dubbeltelling

De NEa behandelt, beoordeelt en besluit over dubbeltellingverzoeken namens de minister van Infrastructuur en Milieu.

Bedrijven kunnen een verzoek indienen door een volledig ingevuld formulier naar meldingen@emissieautoriteit.nl te sturen. De NEa zal na ontvangst zo nodig om aanvullende informatie vragen. Het formulier vindt u onderaan  deze pagina (ook in het Engels).