Hoe zit het Europese emissiehandelssysteem in elkaar?

Het Europese Emissions Trading System (EU ETS) is het grootste emissiehandelssysteem voor het broeikasgas CO2 ter wereld. De EU heeft altijd veel aandacht gegeven aan de aanpak van de uitstoot van broeikasgassen. De EU wil op dit punt een voortrekkersrol vervullen. Het EU ETS wordt beschouwd als het vlaggenschip van het Europese klimaatbeleid.

Alle EU-lidstaten nemen deel aan het EU ETS. De Europese Commissie heeft het voortouw voor de vormgeving, uitbouw en aanpassing van het systeem. De Commissie voert hierover overleg met de lidstaten. Besluitvorming vindt plaats in de Raad van Ministers en het Europees Parlement.

Het EU ETS bestaat inmiddels ruim tien jaar. Het systeem gaat uit van vastgestelde handelsperiodes. Aan het begin van elke handelsperiode worden net zoveel emissierechten aangemaakt als het plafond groot is. Die rechten worden voor een deel toegewezen aan bedrijven en voor een deel via openbare veilingen in de markt gebracht.

De 1e handelsperiode was een testfase en liep van 2005 tot en met 2007. De 2e handelsperiode liep van 2008 tot en met 2012 en is gelinkt aan de 1e ‘commitmentperiode’ van het Kyoto-protocol. Hierdoor konden ook broeikasgasverminderingen in landen buiten de EU meetellen als reductie binnen het EU ETS. Bijvoorbeeld emissiereductie in ontwikkelingslanden. Dit op beperkte schaal en onder voorwaarden. Inmiddels is de 3e handelsperiode (van 2013 – 2020) ingegaan. In de 3e handelsperiode van het EU ETS daalt het uitstootplafond langzaam, worden meer rechten geveild en speelt de Europese Commissie een centrale rol bij de toewijzing van rechten.

Meer informatie van de Europese Commissie over het EU ETS.