Wat is een inboekdienstverlener
Vanaf 2026 kunnen bedrijven en particulieren een inboekdienstverlener inschakelen om elektriciteit voor vervoer te registreren. Een inboekdienstverlener is een bedrijf dat voor anderen de geleverde elektriciteit registreert (inboekt) in het Register Energie voor Vervoer (REV). Voor die inboeking ontvangt de dienstverlener verhandelbare eenheden: emissiereductie-eenheden (ERE’s).
De inboekdienstverlener kan de ERE’s verkopen, bijvoorbeeld aan een brandstofleverancier die verplicht is om zijn broeikasgasuitstoot te verminderen.
Om te kunnen inboeken, moet de inboekdienstverlener een rekening aanvragen in het Register Energie voor Vervoer (REV). Het is op dit moment nog niet mogelijk om een rekening aan te vragen in het REV. Dit kan naar verwachting vanaf eind juni 2026.
Voorwaarden inboekdienstverlener
Een inboekdienstverlener moet aan een aantal regels voldoen:
Inschrijving bij de KvK
- Het bedrijf moet staan ingeschreven in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel (KvK).
Drempelwaarde
- De inboekdienstverlener moet minimaal 2 miljoen kWh per jaar kunnen inboeken of ten minste 200 machtigingen hebben van bedrijven en/of particulieren.
- Bij het aanvragen van een rekening moet het bedrijf bewijzen dat het aan deze eis voldoet.
Machtiging van bedrijven en particulieren
- Zowel bedrijven als particulieren moeten de inboekdienstverlener schriftelijk machtigen . Deze machtiging kan voor één of meerdere volledige kalenderjaren gelden. Elk bedrijf (ook dochterbedrijven) moet apart toestemming geven.
Metingen en registratie
- Het bedrijf of de particulier moet eigenaar zijn van de netaansluiting. De netaansluiting moet in het Centraal Aansluitingenregister (CAR) op naam staan van het bedrijf of de particulier. De verificateur en de NEa controleren of dit zo is.
Eigenaar zijn van een secundair allocatiepunt (een deel van een aansluiting) is niet genoeg. - De inboeking gebeurt op basis van gemeten gegevens van een bemeterd leverpunt (een meter die de hoeveelheid elektriciteit meet). Als de aansluiting niet alleen voor vervoer wordt gebruikt, moet de meter MID-gecertificeerd zijn.
Verantwoordelijkheid van de inboekdienstverlener
- De inboekdienstverlener moet zorgen voor juiste inboekingen en een goede administratie.
- Jaarlijks moet een onafhankelijke verificateur controleren of alles klopt.
- Als er fouten worden gemaakt, is de inboekdienstverlener aansprakelijk en kan de Nederlandse Emissieautoriteit (NEa) handhavend optreden.
Hoe werkt het ERE-systeem
Als u elektriciteit inboekt, ontvangt u daar emissiereductie-eenheden voor. Eén ERE staat voor één kilogram verminderde CO2 uitstoot ten opzichte van fossiel. De inboekdienstverlener ontvangt alleen voor het hernieuwbare deel van de geleverde elektriciteit de ERE's.
Voor het inboeken voor particulieren wordt altijd gewerkt met het gemiddelde percentage hernieuwbare elektriciteit in het elektriciteitsnet (ook wanneer de particulier bijvoorbeeld zonnepanelen heeft). Voor bedrijven kan er in bepaalde gevallen voor 100% hernieuwbaar worden ingeboekt.
Beeld: NEa
NEa
Welke regels gelden voor het aantonen van levering van 100% hernieuwbare elektriciteit aan vervoer?
Alleen elektriciteit die aan vervoer is geleverd, wordt beloond met ERE’s. Hernieuwbare elektriciteit die is terug geleverd aan het net of aan andere installaties op de aansluiting, komt niet in aanmerking voor ERE’s.
De inboeker moet door middel van meetgegevens aantonen hoeveel elektriciteit er is opgewekt en dat de opgewekte elektriciteit daadwerkelijk naar vervoer is gegaan. Voor de meters die de opwek van hernieuwbare elektriciteit meten, zijn momenteel geen aparte vereisten opgenomen in de regelgeving.
- Indien de opwekinstallatie ook is aangesloten op andere installaties of aan het net teruglevert, dient de inboeker per tijdsinterval van één uur (of nauwkeuriger) gelijktijdigheid van opwek/ levering aan vervoer aan te tonen.
- Indien er gebruik gemaakt wordt van tussentijdse batterijopslag die niet is aangesloten op het net of aan andere installaties levert, kan de inboeker aantonen dat hernieuwbare elektriciteit de batterij in ging en vervolgens op een later moment aan vervoer is geleverd.
- Indien er gebruik gemaakt wordt van een batterij die ook op het net en/of ander verbruik is aangesloten, kan de levering als 100% hernieuwbaar worden ingeboekt als op uurbasis wordt bijgehouden welk deel van de inhoud van de batterij bestaat uit opgewekte hernieuwbare elektriciteit en ook aan vervoer is geleverd. Zie onderstaand voorbeeld.
Inboeken voor deze situatie kan als volgt:
- De zonne-elektriciteit (100% hernieuwbaar) die direct geleverd wordt aan vervoer, mag voor 100% hernieuwbaar worden ingeboekt, waarbij gelijktijdigheid op uurbasis (of nauwkeuriger) moet kunnen worden aangetoond..
- De netstroom geleverd aan vervoer mag worden ingeboekt voor het netgemiddelde.
- Om de levering van de batterij naar vervoer (D) gedeeltelijk als 100% hernieuwbaar te kunnen inboeken, zullen per uur ook alle overige stromen die de batterij in en uitgaan (A, B en C) gemeten moeten worden. Dit om te bepalen welk aandeel in de batterij hernieuwbaar is. (Indien dat niet mogelijk is kan D als netstroom ingeboekt worden.)
Per uur moet bijgehouden worden wat de energiemix (groen/grijs) in de batterij is. Binnen dat uur mag het groene gedeelte in de batterij worden gealloceerd aan stroom D. De hoeveelheid in een uur ingeboekte 100% hernieuwbare elektriciteit kan nooit meer zijn dan wat er in dat uur daadwerkelijk aan vervoer is geleverd.
Voor het inboeken van elektriciteit ontvangt de inboekdienstverlener ERE-elektriciteit (ERE-E). ERE-E's zijn alleen verhandelbaar binnen de sector waarin deze zijn gecreëerd. Elektriciteit geleverd aan wegvervoer levert ERE-E op voor de sector land. Die is dus alleen verhandelbaar binnen de sector land.
Voorwaarden administratie
Inboekdienstverleners
De inboekdienstverlener is verantwoordelijk voor de correctheid van de inboeking. Dat betekent dat zij in haar administratie moet kunnen aantonen voor welke ondernemingen en particulieren er ingeboekt is en dat de ingeboekte hoeveelheden overeenkomen met de daadwerkelijk door die partij aan vervoer geleverde elektriciteit.
De inboekingen moeten ook voldoen aan de geldende wet- en regelgeving. Belangrijke onderdelen van de administratie zijn o.a. maar niet uitsluitend:
- Overzicht machtigingen;
- Overzicht van klanten met adres, EAN en energieleverancier;
- Procesbeschrijving voor aannemen nieuwe klanten en welke controles hierbij gedaan worden;
- Procesbeschrijving voor verzamelen benodigde data, interne controle hiervan en inboeking van data in het REV;
- kWh-data van de meters van de laadpalen;
- Type nummers en MID-certificering van de laadpalen;
- Facturen energieleveranciers en/of netbeheerders;
Hieronder staat voor een aantal belangrijke inboekeisen uitgewerkt hoe die aantoning eruit zou kunnen zien. Uiteindelijk is het aan de inboekverificateur om te beoordelen of de aantoning voldoende is, hierbij kunnen specifieke situaties ook om extra bewijslast vragen.
De inboekdienstverlener is verantwoordelijk voor het beheer van de rekening in het register. Eventuele handhaving zal zich daarom richten op de inboekdienstverlener, niet op haar klanten. De klanten van de inboekdienstverlener zijn niet de doelgroep van de NEa, dus communiceert de NEa niet direct met de klanten van de inboekdienstverlener.
Wel zou het kunnen dat voor een inspectie een locatiebezoek bij een klant van een inboekdienstverlener moet worden gedaan. In dat geval moet de inboekdienstverlener dit faciliteren. De NEa kan handhavend optreden indien nodig. Zo kunnen bijgeschreven ERE’s bijvoorbeeld worden gecorrigeerd of kan een boete worden opgelegd.
Particulieren
De inboekdienstverlener heeft een vijftal bewijzen nodig voor het inboeken van elektriciteit van particulieren. Alle voorwaarden gelden voor het adres en aansluiting van de particulier waarvandaan elektriciteit wordt geleverd aan vervoer.
Hieronder worden de eisen genoemd en voorbeelden gegeven van hoe de verschillende vereisten aangetoond kunnen worden. Het is niet verplicht om op deze manier bewijs te leveren, de voorbeelden dienen als handvaten voor de inboekdienstverlener.
- Aantoning van de hoeveelheid geleverde elektriciteit
Dit kan bewezen worden met registraties of facturen van laadsessies. Hierbij moet duidelijk aantoonbaar de koppeling aanwezig zijn met de laadpaal op het geregistreerde adres, bijvoorbeeld doordat beide in hetzelfde bewijs genoemd worden. Een foto of screenshot van alleen een geleverd volume is niet voldoende.
- Bewijs van aanwezigheid van een laadpaal aangesloten op de betreffende aansluiting
Veel eigenaren van een laadpaal houden o.a. laadgegevens bij met een app. Deze app kan ook een uitdraai geven met gegevens zoals abonnementskosten gekoppeld aan het adres. De inboekdienstverlener kan een bewijs van aanwezigheid van een laadpaal op een bepaald adres aantonen door bijvoorbeeld een screenshot of uitdraai van een dergelijke app op te vragen bij de particulier. Deze methode heeft de voorkeur voor de NEa.
Andere opties om te bewijzen dat er een laadpaal aangesloten is op de betreffende aansluiting, is bijvoorbeeld een factuur van de installatie van een laadpaal met adresgegevens, of een factuur of Charge Detail Records (CDR) registratie van een laadsessie waar ook het adres op staat.
- Bewijs van eigenaarschap van voorgenoemde aansluiting door betreffende particulier over gehele periode van inboeking.
De inboekdienstverlener kan bewijzen dat de particulier de gehele periode van inboeking eigenaar is van de aansluiting door bij de particulier een factuur (voor betreffende periode en/of begin en einde hiervan) op te vragen over de aansluit- en/of netbeheerkosten (voor particulieren veelal gefactureerd via energieleverancier), mits hier adres, EAN-code en naam op staan vermeld. Een andere optie voor de inboekdienstverlener om dit aan te tonen is het opvragen van de aansluitingsgegevens voor een bepaald adres bij de netbeheerder.
- Aantoning aanwezigheid van MID-meter
De inboekdienstverlener kan bewijzen dat de laadpaal op het adres van de particulier een MID-meter geïntegreerd heeft door bijvoorbeeld een conformiteitsbeoordeling of certificaat voor het type MID-meter op te vragen bij de particulier of fabrikant van de laadpaal/kWh-meter. Sommige typen laadpalen hebben standaard een geïntegreerde MID-meter.
| Let op: hierbij duidelijk moet zijn dat de betreffende MID-meter ook daadwerkelijk is toegepast in de laadpaal, hiervoor kunnen bijvoorbeeld specificaties of bevestiging van de laadpaalleverancier worden toegepast. |
- Bewijs dat machtiging door voorgenoemde particulier is afgegeven aan inboekdienstverlener
Hiervoor voldoet de machtiging zelf, of een overzicht van de machtigingen. De eisen voor de machtiging staan hieronder verder uitgewerkt.
Ondernemingen
Voor ondernemingen die klant zijn van een inboekdienstverlener gelden alle normale voorwaarden waar ondernemingen aan moeten voldoen voor het inboeken van elektriciteit.
Deze voorwaarden zijn onder andere (maar niet exclusief):
- Alleen elektriciteit geleverd aan vervoer komt in aanmerking voor ERE’s
- Alleen het hernieuwbare deel van de geleverde elektriciteit wordt beloond met ERE’s;
- Alleen hoeveelheden zoals gemeten door een bemeterd leverpunt mogen ingeboekt worden. Een bemeterd leverpunt is een punt voor levering van elektriciteit, met een voertuigaansluiting en een meter die de hoeveelheid van de levering meet. In de praktijk zijn dit de verkoopmeters.
- Wanneer een aansluiting of secundair allocatiepunt niet exclusief bestemd is voor de levering van elektriciteit aan vervoer, moet de meter MID-gecertificeerd zijn.
De bewijzen die de inboekdienstverlener hierbij extra moet verzamelen zijn:
- Ondernemingen hebben een aansluiting waar elektriciteit aan vervoer wordt geleverd;
- Bewijs dat de machtiging door voorgenoemde onderneming is afgegeven aan inboekdienstverlener.
Eisen machtigingen
Particulieren
Particulieren die hun inboekingen laten uitvoeren door een inboekdienstverlener moeten deze inboekdienstverlener machtigen.
In de machtiging voor particulieren staan drie elementen centraal:
- de naam van de particulier;
- het adres waar de particulier elektriciteit levert aan vervoer;
- de EAN van de aansluiting waarvan de particulier op het opgegeven adres eigenaar is.
Als een van deze drie elementen wijzigt, is de machtiging niet meer geldig.
| Let op: Een particulier mag per kalenderjaar maar één inboekdienstverlener aanstellen en één adres of EAN-code mag maar door één inboekdienstverlener worden geregistreerd per kalenderjaar. In de machtiging moet expliciet staan dat niet al een andere inboekdienstverlener is gemachtigd. Voor particulieren dient per individuele EAN-code een machtiging te worden afgegeven. |
Minimale eisen machtiging
De Regeling energie vervoer somt de minimale eisen op voor de machtiging. Een inboekdienstverlener bepaalt zelf welke afspraken hij met zijn klanten verder nog maakt. Hieronder leest u wat deze minimale eisen zijn, met een aantal suggesties en aanwijzingen voor hoe deze door een inboekdienstverlener ingevuld zouden kunnen worden.
- De naam en handtekening van de aangeslotene.
Hoe de machtiging ondertekend wordt, is aan de inboekdienstverlener. Dit mag zowel in digitale als natte vorm zijn; - Het adres en de EAN van de aansluiting van de aangeslotene;
- Een machtiging voor de NEa om gegevens over de aansluiting bij de distributiebeheerder op te vragen;
Voorbeeld
“Ik geef de NEa toestemming om de gegevens in het Centraal Aansluitingenregister, als bedoeld in paragraaf 2.1 van de Informatiecode Elektriciteit en Gas, die op mijn aansluitingen betrekking hebben, op te vragen en in te zien. Dit betreft de gegevens van de aansluiting die ik bij de machtiging van [deze inboekdienstverlener] heb opgegeven en die voor de NEa relevant zijn voor het kunnen uitvoeren van haar toezichttaken in het kader van het systeem van hernieuwbare energie vervoer.” - Een machtiging aan de inboekverificateur van de inboekdienstverlener om de laadlocatie op het voldoen aan de voorwaarden, bedoeld in artikel 10, eerste lid, van het besluit te controleren;
Voorbeeld
“Hierbij verklaar ik dat [de inboekverificateur] van [mijn inboekdienstverlener] op de locatie waar ik elektriciteit lever aan vervoer via mijn aansluiting een controle mag uitvoeren en mag vaststellen dat mijn leveringsconstructie voldoet aan de inboekvoorwaarden.” - De datum van afgifte en geldigheidsduur in kalenderjaren van de machtiging.
De machtiging wordt altijd in volledige kalenderjaren afgegeven. Dat betekent dat de machtiging altijd loopt van 1 januari tot 31 december. De machtiging mag niet stilzwijgend worden verlengd.
Ondernemingen
Ondernemingen die hun inboekingen laten uitvoeren door een inboekdienstverlener moeten deze inboekdienstverlener machtigen.
In de machtiging van ondernemingen verklaren zij dat de inboekdienstverlener mag inboeken voor de (wisselende) aansluitingen vanaf waar zij in een bepaalde periode elektriciteit leveren aan vervoer.
| Let op: Een onderneming mag per kalenderjaar maar één inboekdienstverlener aanstellen en moet dit ook expliciet akkoord verklaren in de machtiging. |
Minimale eisen
De Regeling energie vervoer somt de minimale eisen op voor de machtiging. Hieronder leest u wat deze eisen zijn, met een aantal suggesties en aanwijzingen voor hoe deze ingevuld kunnen worden.
- De naam, het vestigingsadres en het handelsregisternummer van de onderneming;
- De naam en de handtekening van de vertegenwoordigingsbevoegde van de onderneming.
Hoe de machtiging ondertekend wordt, is aan de inboekdienstverlener. Dit mag zowel in digitale als natte vorm zijn. - De EAN van de aansluiting(en).
Het gaat hier om tenminste één EAN dat in bezit is van de onderneming ten tijde van het ondertekenen van de machtiging. De aansluitingen kunnen wisselen. - Een machtiging voor de emissieautoriteit om gegevens over de aansluiting bij de distributiebeheerder op te vragen;
Voorbeeld
"Ik geef de NEa toestemming om de gegevens in het Centraal Aansluitingenregister, als bedoeld in paragraaf 2.1 van de Informatiecode Elektriciteit en Gas, die op mijn aansluitingen betrekking hebben, op te vragen en in te zien. Dit betreft de gegevens van de aansluitingen die ik bij de machtiging van [deze inboekdienstverlener] heb opgegeven alsmede de aansluitingen die mijn inboekdienstverlener opvoert in het register en die voor de NEa relevant zijn voor het kunnen uitvoeren van haar toezichttaken in het kader van het systeem van hernieuwbare energie vervoer." - Een machtiging aan de inboekverificateur van de inboekdienstverlener om de laadlocatie op het voldoen aan de voorwaarden, bedoeld in artikel 10, eerste tot en met derde lid, van het besluit te controleren.
Voorbeeld
"Hierbij verklaar ik dat [d e inboekverificateur] van [mijn inboekdienstverlener] op de locatie waar ik elektriciteit lever aan vervoer via mijn aansluiting een controle mag uitvoeren en mag vaststellen dat mijn leveringsconstructie voldoet aan de inboekvoorwaarden." - De datum van afgifte en geldigheidsduur in kalenderjaren van de machtiging.
De machtiging wordt altijd in volledige kalenderjaren afgegeven. Dat betekent dat de machtiging altijd loopt van 1 januari tot 31 december. De machtiging mag niet stilzwijgend worden verlengd.
Meer informatie
Uitgelicht
Stappenplan inboekdienstverlener
Bekijk dit stappenplan voor de stappen die een inboekdienstverlener kan doorlopen, inclusief een tijdpad.
Lees verderLijst van inboekdienstverleners
Deze lijst geeft weer welke inboekdienstverleners zich bij de NEa hebben geregistreerd.
Lees verderInformatie voor particulieren
Sinds 2026 komt elektriciteit geleverd aan auto’s aan huis in aanmerking voor vergoeding.
Lees verder